Het tweede leven van Nero di Troia

13/02/2017 - De Grieken hebben de wijncultuur van Zuid-Italië enorm beïnvloed. Getuige daarvan zijn de druivenrassen met namen als aglianico, greco en nero di troia.

Wanneer de wetenschappelijke link niet altijd makkelijk te achterhalen is, is de symbolische schakel hier wel duidelijk. Heel Zuid-Italië sprak lange tijd Grieks (Cicero beklaagde zich daarover tijdens zijn verblijf in Sicilië) en ook vandaag zijn er nog gemeenten nabij Lecce waar Griko gesproken wordt, een Grieks dialect.
Wat in elk geval zeker is, is dat we in Puglia de stad Troia vinden, waarvan de inwoners beweren dat deze stad gesticht werd door Diomedes nadat hij van Troje terugkeerde.
Een andere hypothese is dat l’uva di troia van een ander Troje kwam, van Trojak, een dorp in het oosten van Albanië.
Een derde stelling is, die ik bijna niet durf aanhalen, is dat ‘troia’ in het Italaans zeug betekent. Vandaar misschien dat dit druivenras lange tijd als een varken bewerkt werd …
Hoe dan ook is het in Murgia, rond het Castel del Monte, dat we het meest Nero di Troia aantreffen, in Puglia en in heel de wereld.

Een druivenras dat lange tijd onderschat werd

Nero di Troia werd nooit met uitsterven bedreigd, maar dat deze druif internationaal weinig bekend is heeft te maken met zijn relatief lage opbrengsten. Daarom ook besloten tal van wijnbouwers deze druif te rooien in de jaren 90, in het voordeel van Bordelese druivenrassen, primitivo en negroamaro. Ook qua aangeplante oppervlakte staat deze druif op de derde plaats wat blauwe regionale variëteiten betreft. Niettemin is het een vrij makkelijke druif om te telen, een relatief sterk ras en een druif die zich goed aanpast aan meerdere bodemtypes. In geval van het biotype barletta, de meest productieve soort, is dat zeker zo. Een tweede soort, canossa, die zeldzamer is, bezit kleinere bessen. Een kwalitatief ras is dit, maar een dat moeilijker rijpt.

Hoewel het een druivenras is dat gezien wordt als typisch voor Puglia – maar wat is typisch in zo’n complexe wijnregio? – werd deze druif lange tijd vrij anoniem verwerkt in assemblagewijnen. Zijn hoog gehalte aan polyfenolen is dan ook perfect om meer kleur aan de wijn te geven. Wijnbouwers kenden weliswaar de kwaliteiten ervan (een goed evenwicht tussen structuur en souplesse), maar de vraag van consumenten was zeer klein omdat ze de druif (en de wijn ervan) gewoonweg niet kenden. Ondertussen lijkt het erop dat dit aan het veranderen is. Niet alleen wordt het druivenras nero di troia de laatste jaren veel meer op het etiket vermeld, maar ook kregen de wijnen ervan zeer goede kritieken. Het is hét druivenras van de DOCG Castel del Monte Nero di Troia Riserva en Castel del Monte Rosso Riserva.
Alsof deze bescheiden nero di troia aan een tweede leven begonnen is!

De proef op de som

Ter illustratie koos ik voor twee wijnen van een domein waarvan de eeuwenoude geschiedenis gelinkt is aan die van de prachtige achthoekige burcht van Castel del Monte: Conte Spagnoletti Zeuli. Dit groot domein (150 ha) is nog steeds in familiebezit en wordt vandaag gerund door Onofrio Spagnoletti, graaf van Andria. De ene wijn is een pure nero di troia en de andere een assemblagewijn.

Conte Spagnoletti Zeuli II Rinzacco Nero di Troia 2012


Nog zeer veel bloemen (viooltjes) en specerijen voor een wijn van meer dan vier jaar oud die een tijd in foeders verbleef, waardoor de aromatische kwaliteit van dit druivenras duidelijk wordt. De smaakaanzet doet denken aan rijpe bramen, maar ook aan blauwe bosbessen. De tannines zijn zeer zacht en het fruit komt terug in de finale. Vers fruit, geen confituur. Eerst dacht ik aan een malbac, of aan een wijn van Fronton, maar de zeer soepele structuur en de specerijen van garrigue brachten me naar Puglia.
Nog een wijn uitsluitend op basis van nero di troia die ik erg goed vond is de Vigna Grande van Tenuta Zagaria, een cuvée van druiven van een bepaald perceel van Spagnoletti Zeuli, een wijn met mooie tonen van pruimen en zoethout.

Conte Spagnoletti Zeuli Terranera 2011


Aan de nero di troia werd in dit geval aglianico en montepulciano toegevoegd ; alle drie verbleven ze voor een tijd in foeders.
De geur doet denken aan wierook, gerookte tonen, en een beetje aan krieken op alcohol. In de smaak proeven we prima zuren, fruit dat terugkomt, heel fris overigens, en een streepje zoethout dat samen voor een mooi geheel zorgt.
Perfect om vandaag te drinken, maar evenzeer met een uitstekend bewaarpotentieel.

www.contespagnolettizeuli.it – Deze wijnen worden nog niet in België verdeeld.

Hervé Lalau

 Voor meer “Vergeten Druivenrassen”, klik hier

Geef een reactie