Appellations d’Originalité Prohibée …

04/04/2016 - We nemen deze keer het voorwoord over van onze collega’s van LeRouge&leBlanc, een mening die dicht bij onze filosofie aanleunt (de waarheid zit in het glas). De door hen aangehaalde ‘halsmisdaden’ zijn opnieuw het zoveelste voorbeeld dat tal van AOC’s (niet allemaal) en het INAO hun voeling compleet kwijt zijn met wat er echt op het ‘terrein’ gebeurt. Het woord terroir durven we overigens niet meer gebruiken.
Hopend dat indien we met meer zijn, we beter worden gehoord ...

Appellations d’Originalité Prohibée

Te gek voor woorden is het in de ‘officiële’ wijnwereld van Frankrijk. Of het nu het I.N.A.O. is (Institut National de l’Origine et de la Qualité) of de O.D.G’s (Organismes de Défense et de Gestion, de voormalige syndicaten van de appellations), er gaat geen week voorbij of we vernemen wel een of andere nieuwe krankzinnige beslissing van het ene of andere organisme.
Op een dag was het Jérôme Bressy (Domaine Gourt de Mautens) die de vermelding van de appellation Rasteau voor zijn wijnen niet meer mocht gebruiken omdat hij te veel oude autochtone druivenrassen in zijn wijngaarden heeft staan en niet genoeg ‘verbeterende’ of ‘veredelende’ druivenrassen (zoals syrah).
Een andere keer besloten de heren dat de wijnen van Marcel Richaud (Cairanne) niet conform waren aan de appellatie of dat Les Hauts de Pontet-Canet 2012 (de tweede wijn van het château) te vluchtig was en op de markt moest komen als een Vin de France.
Helemaal belachelijk was de uitsluiting, manu militari, van Alexandre Bain uit de appellation Pouilly-Fuissé. De officiële reden: zijn wijnen zitten boordevol fouten (de keuze is ruim, de lijst met aantekeningen van het I.N.A.O. telt er een honderdtal). De officieuse reden (mondeling toegekend, niet schriftelijk uiteraard): de wijnen van Alexandre Bain bezitten niet die typische ‘sauvignonsmaak’.
Met andere woorden, ze worden niet gekenmerkt door thiolen, door vegetale aroma’s van het druivenras (buxus, pipi de chat) waar bijna alle andere producenten binnen de appellatie blijkbaar wel naar op zoek gaan …
En zo kunnen we nog een tiental gelijkaardige beslissingen aanhalen van de afgelopen twee jaar.

Niet alleen brengen ze met hun dwaze beslissingen sommige domeinen in economische moelijkheden, maar ook is het gedrag van deze ‘kleine chefs’ soms zodanig idioot dat het bijna lachwekkend is. Producenten straffen die door wijnliefhebbers gezien worden als de beste binnen hun appellatie, maar tegelijk praktijken tolereren en vaak ook nog aanmoedigen die het terroir en de eigenheid van de wijn doden, zowel in de wijngaard als tijdens de vinificatie, daar moet men lef voor hebben wanneer men als opdracht heeft de origine en de kwaliteit van wijnen te verdedigen! In een dossier dat we onlangs publiceerden, maakten we de constatering dat dit systeem, dat vandaag zeer alomtegenwoordig is, ver van de realiteit op het terrein zelf staat en meer en meer verambtelijkt is onder de stijgende invloed van een landbouwsyndicaat dat altijd al koos voor een intensieve landbouw. Het is duidelijk dat dit systeem eerder voor standaardwijnen kiest, voor industriële wijnen, in een blinde zoektocht naar genormaliseerde producten binnen een interne markt. Vandaar ook de tendens om op elke appellatie één gezicht te kleven, of liever een en dezelfde smaak die de variatie en de originaliteit fnuikt. En dat zonder erbij stil te staan dat aan de andere kant van de wereld eveneens dit soort van industriële wijnen zonder ziel gemaakt worden … maar wel stukken goedkoper!

LeRouge&leBlanc sluit zich graag aan bij een uitspraak van Jacquis Puisais : ‘Een eerlijke wijn moet datgene weerspiegelen waar hij vandaan komt, hij moet als het ware uit de buik komen van diegene die hem gemaakt heeft.’
Wat voor ons het allerbelangrijkste is, is de kwaliteit die in het glas zit. Een kwaliteit die gelinkt is aan praktijken met respect voor de bodem, de wijnplant en de druiven, zowel in de wijngaard als in de vinificatieruimte, maar ook een kwaliteit die gelinkt is aan de plek waar de wijn vandaan komt en door wie hij gemaakt wordt. En precies daar gaat het vandaag de verkeerde kant op.
Vooral wanneer een immens organisme van de Franse wijnbouw, gedefinieerd als ‘Instituut van de Origine en de Kwaliteit’, dat daar de notie van origine bepaald en afgebakend wordt door de geografische grenzen (en waar terroir met gebied verward wordt …)  en kwaliteit niet meteen verdedigd wordt (goede wijnbouwers worden gestraft en quasi industriële praktijken worden getolereerd en zelfs aangemoedigd).

Wat moet een wijnbouwer doen die ‘anders’ werkt en die steeds tegen een muur loopt van bureaucratische pietluttigheden met vastgeroeste meningen?
Zijn appellatie vaarwel zeggen en zijn wijnen onder het Vin de France-label op de markt brengen om zich zo te bevrijden van een incompetent systeem (onder voorbehoud dat zijn wijnen reeds bekend zijn bij wijnliefhebbers …)?
Of zich binnen zijn eigen A.O.C. verdedigen en aantonen dat er binnen een gekende en befaamde appellatie niettemin wijnen kunnen gemaakt worden die goed zijn maar niet meteen dezelfde weg volgen dan het merendeel?
De dag dat alle veeleisende en ‘anders’ werkende wijnbouwers voor deze laatste optie kiezen, is het systeem ten dode opgeschreven.

Indien u op deze invraagstelling van de A.O.C.’s wilt reageren, kunt u een e-mail sturen naar barret.philippe@orange.fr . In een volgend nummer komen we ongetwijfeld op dit thema terug met reacties uit de wijnwereld en eventueel ook de uwe.

Philippe Barret

schéma site R&B juin 1

www.lerougeetleblanc.com

Voor meer “Voorwoord”, klik hier 

Geef een reactie